Javascript Menu by Deluxe-Menu.com

Verder met Vrolic

Juni 2019. Het verhaal van Buitenlust leek even ten einde. Maar een modelbaan is nooit echt helemaal af. De modules van de limonadefabriek Vrolic pasten niet helemaal bij de rest. Dit deel heb ik destijds als eerste gebouwd. Bij alle volgende modules heb ik o.a. de bielsafstand aangepast en andere ballast gebruikt. Ook waren de gebouwen niet goed op schaal en kleiner dan de rest. Kortom... reden genoeg om beide modules te verkopen en de fabriek opnieuw te doen. Het sporenplan is ongewijzigd; de rails zijn wel opnieuw spijker voor spijker gelegd. De gebouwen zijn afgekeken van de monumentale Prodentfabriek in Amersfoort.

Het kolenpark van de fabriek is nog niet helemaal. De natuur tiert al welig. Wanneer de fabriek echt helemaal af is en op zijn vaste plaats staat, ga ik dit gedeelte verder afwerken.

Doorkijkje naar het linker gedeelte van de fabriek met de expeditie. Dit gedeelte is al wel helemaal klaar. De grote tank is voor de opslag van citroenzuur of zoiets. Dat past wel bij een limonadefabriek.

Het kolenpark in wording. Vanaf de opslag is het maar een klein stukje sjouwen naar het ketelhuis.

Het weiland aan de overkant van het spoor wordt bevolkt door een kudde koeien. De drukte in de fabriek zal volledig aan de dames voorbijgaan.

Op de nieuwe modules heb ik het doorkijkje naar de vaart behouden. De brug is volledig opnieuw ontworpen en een stuk beter gelukt dan de oude. De vaart loopt nog beter in de achtergrond en het groen komt overtuigender over.

De fabriek loopt door tot aan het water. Hoog gras en ruige struiken vullen het stukje niemandsland tussen loods en waterkant.

De expeditieloods heeft een breed betonnen laadperron waar ijverig wordt gewerkt. De loods zelf is links slechts een paar centimeter diep, maar dat valt helemaal niet op.

De tank vult mooi het gat tussen loods en hoofdgebouw. Beide helften van de fabriek zijn via een gang met elkaar verbonden. In het groene kastje zitten zogenaamd de kranen voor het aankoppelen van een ketelwagen.

Gerrit sjouwt zich een breuk, terwijl Jaap met de magazijnkat speelt. Het zou zomaar echt kunnen gebeuren op de werkvloer van heel wat Nederlandse bedrijven.

Het hek op de dijk zou in werkelijkheid voorkomen dat vee op het spoor komt. Het verouderde echte hout en de woeste struiken erachter maken het hekje een leuk, opvallend ding.

Aan het einde van het laadperron komt zelden iemand. Hier heerst de chaos. Oude vaten en gevallen pallets zijn deels overwoekerd door gras en struiken.

Vrolic schiet al aardig op. Maar af...dat is de fabriek nog niet. Het rechter gedeelte moet nog een interieur krijgen en dat wordt een flinke klus. Pas als dat klaar is, kan ik ook dit gedeelte definitief plaatsen en landschap er omheen echt afmaken.

Een eerste test van de verlichting in de fabriek. De tientallen LEDs worden aangestuurd door twee Z1-16+/ZA1-16+ decoders van Qdecoder.

Buitenlust verbouwd

Oktober 2019. Charlie in Soest. Charlie is een verdwaald Engels dieseltje van Dapol dat ik voor een habbekrats tweedehands in Engeland heb gekocht. De Class 08 lijkt als twee druppels water op de Nederlandse Bakkies (NS 500/600), maar als je goed kijkt zie je toch wel de nodige verschillen. Misschien ga ik Charlie ooit eens verbouwen tot een een NS 600 of een NS 450. We zullen zien...

Tijdens de zomervakantie had ik zitten broeden op een uitbreiding van het schaduwstation. Met een beetje passen en meten is het gelukt om drie extra sporen toe te voegen. De lange sporen rechtsachter zijn nieuw en bieden ruimte voor twee langere treinen die een rondje via Soest maken. Het nieuwe spoor aan de voorzijde is eerder bedoeld voor materiaal wat incidenteel rijdt. Bekijk het sporenplan als je wilt weten hoe precies de vork in de steel zit.

Tegelijk met de uitbreiding van het schaduwstation heb ik de voedingskabels vernieuwd. Vanuit de centrale lopen nu dikkere Speakon kabels naar de modulegroepen. Dit betekende wel dat ik ook een hele nieuwe centrale voeding moest bouwen. De kabels zijn aangesloten via nieuwe moduleconnectoren.

Zo staat alles dan weer netjes op zijn plek. Het uitbouwen van het schaduwstation was gelijk een mooi moment om alles grondig schoon te maken. Na een paar jaar ligt er toch een aardig laagje stof.

Verbouwing nummer twee. Het rechter einde van Soest zat me nog niet helemaal lekker. Hoewel de situatie precies klopt met de werkelijkheid, vond ik het toch te veel inkijk in de onderwereld. Wat doe je daaraan? Verstoppen achter een paar bomen.

Met wat extra groen ziet het er opeens heel anders uit. Het verdwijnpunt van de spoorlijn naar Den Dolder is aan het zicht onttrokken. Automatisch ligt nu meer de nadruk op het weggetjes dat doorloopt in de achtergrond. De achtergrond is tevens vervangen door een exemplaar zonder blauwe lucht.

In het landschap heb ik allerlei extra details toegevoegd. Verder is de aansturing van de verlichting uitgebreid van een enkele Qdecoder ZA1-16 naar een decoder per module. Zo kwamen extra aansluitingen vrij voor meer straatlantaarns, verlichting bij de kolenboer en nog wat lichtgrappen.

Het verloren hoekje naast de kolenboer is aangevuld met talloze details. Op een modelbaan is altijd wel wat te doen.

Nieuwe gezichten

Juni 2020. Nee, dit is geen filter of een Photoshop-effect. Deze foto van Soest is echt op zwartwit negatief geschoten. Het tafereel lijkt zo een nog beter kloppend tijdsbeeld van de jaren zestig. Maar... de afgelopen maanden is er meer gebeurd dan alleen foto's maken.

Op een dag pak je vol goede moed een etsplaat uit de kast die daar al jaren ligt te wachten. Ooit eens gekocht van Edwin Poppelaars met de bedoeling om er een Oersik van te maken. Officieel heet zo'n locje overigens een Locomotor Serie 103-152. Meer dan een etsplaat is het project niet. Het complete onderstel met aandrijving mag je er zelf bij verzinnen. Al het messing gietwerk (o.a. de buffers) ontbreekt eveneens. Een uitdaging dus... maar moet lukken.

Een paar weken zagen, vijlen, solderen en grommen verder staat er dan toch een locomotor op de baan. De machine is nog lang niet af, maar wel al helemaal herkenbaar als een rasechte Oersik. En sterker nog: hij rijdt!

Onder de uit de etsplaat gesoldeerde opbouw gaat deze aandrijving schuil. Het is de eerste keer dat ik zelf een complete aandrijving van idee tot tekening tot werkend geval heb gemaakt.

De motor en de tandwielkast passen precies onder de motorhuif. De achteras kan kantelen om de aandrijfas zodat een gecompenseerd onderstel ontstaat. De loc staat zo altijd stevig met alle wielen op de rails en dat komt de stroomafname zeer ten goede. In het midden was net plaats voor een ESU LokPilot, een stroombuffer en een printje met weerstanden voor de verlichting.

Het wachten is even op een aantal onderdelen voor ik het locje echt helemaal kan afbouwen. Dan is het nog een kwestie van stralen, spuiten, beletteren en afmonteren. Voor het einde van het jaar is Buitenlust een uniek en goed rijdend locje rijker.

Ondertussen heb ik een andere etsplaat van de plank getrokken: een CHE van wijlen Willem Damhaar (Tagh0Train). Helaas was Willem er niet meer aan toegekomen om een handleiding of foto's bij de etsplaats te leveren. De bouw van de CHE werd een behoorlijk puzzel met de paar zeldzame foto's uit het Utrechts Archief naast de soldeerbrander. De wagen klopt misschien niet helemaal met hoe Willem het bedacht had, maar hij klopt wel heel goed met de foto's van de werkelijkheid.

De onderzijde heb ik redelijk gedetailleerd. Het kan altijd nog gekker. Ik had geen enkele foto's of schema van de onderkant van een echte CHE. Wat je hier ziet is dus een grote 'educated guess' op basis van andere goederenwagens uit dezelfde periode.

Na vier jaar wachten arriveerde de NS 600 van Philotrain in Buitenlust. Ik was al bijna vergeten dat ik de machine besteld had. Het model kan de goedkeuring van de directie wegdragen.

Op een top een Bakkie, zoals de bijnaam van de serie luidt. Het model is geleverd zonder decoder, maar die zet ik er zelf wel in. Het instellen van de decoder is ook wel een leuk klusje en dan zit het gelijk helemaal naar mijn zin.

En Charlie? Die is er ook nog. Op het eerste gezicht lijkt het dezelfe loc. Kijk even beter en je ziet toch best wat verschillen. Charlie is een Class 08, terwijl de NS 600 direct is afgeleid van de veel minder bekende Class 11. Toch zou je van het Dapol model een best aardige NS 600 kunnen maken. Maar goed, dat hoeft nu niet meer.

Het model rijdt nog wat stroef, maar dat komt na een tijdje inlopen nog wel een heel eind goed.

In juni was Myron van Ruijven op bezoek om een filmpje te maken van Buitenlust. En dat is heel aardig gelukt. Kijk zelf maar...

Toegift

Ik was het bijna vergeten te vertellen... ondertussen is natuurlijk ook de fabriek van Vrolic helemaal afgebouwd met een passend interieur.

Alle meubels zijn geprint met een goedkoop 3D printertje: de Anycubic Photon. Als ik alles had moeten kopen of laten printen was ik bijna hetzelfde kwijt geweest. En nu heb je het binnen een paar uur in handen.

Ook de complete productielijn is uit de printer komen rollen, inclusief de limonadekratten.

Zelf speel ik een bescheiden rol op de tekenkamer van de fabriek.

De stapel kratjes op de straat zijn bouwsetjes van Wenz. Ik had ze ook kunnen printen, maar deze kitjes had ik nog liggen.

Door de grote ramen zie je best veel van het interieur.

Daarmee is Vrolic 2.0 nu echt helemaal af.

2019, 2020

1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13

© Huib Maaskant - Alle rechten voorbehouden - aim@floodland.nl